Skip to main content

Met de toenemende vergrijzing neemt ook de vraag naar thuiszorg toe. Maar is bemiddeling bij deze thuiszorg aan te merken als gezondheidskundige verzorging en dus vrijgesteld van btw? Hof Den Haag vond dat bij werkzaamheden die verder gingen dan alleen bemiddelen, wel het geval.

Zorgverlening via zzp’ers

Medisch

In bovenstaande zaak handelde het om een BV die thuiszorg aanbood via de inzet van zzp’ers. De BV was aangesloten bij een landelijke organisatie en functioneerde als ‘regionaal steunpunt’. De geboden thuiszorg kenmerkte zich door kleinschaligheid en direct contact via vaste aanspreekpunten.

Omvang dienstverlening

De omvang van de dienstverlening was breed. De BV zorgde voor de intake en de indicatie. De BV stelde vervolgens een zorgplan op en stelde het zorgteam samen, waarbij tal van zorgverleners konden worden ingezet. Ook stond de BV bij spoedgevallen klaar en zag toe op de voortgang en de kwaliteit van de zorg en zorgde aldus voor een altijd actueel zorgdossier.

Eén prestatie?

Het Hof boog zich allereerst over de vraag of er sprake was van één prestatie van de BV, de landelijke organisatie en de zorgverleners. Als dit het geval was, volgde het btw-tarief van de nevenprestatie namelijk het tarief van de hoofdprestatie (de zorg die btw-vrijgesteld is). Het Hof vond van niet. De zorgverleners hadden namelijk ieder een eigen takenpakket en voerden dit voor eigen rekening en risico uit. Zij droegen ieder ook de verantwoordelijkheid voor de eigen werkzaamheden en sloten waar nodig een verzekering af om de eigen aansprakelijkheid te kunnen dragen.

Vrijstelling toch van toepassing

Het Hof was echter toch van mening dat een vrijstelling voor medische diensten van toepassing was. De BV vervulde volgens het Hof namelijk een essentiële, specifieke rol bij het verlenen van de thuiszorg. Zonder deze werkzaamheden zou de thuiszorg immers niet van dezelfde kwaliteit zijn. De werkzaamheden zijn volgens het Hof dan ook niet enkel te typeren als bemiddeling, aangezien de BV niet alleen de betrokkenen bij elkaar bracht, maar ook de duur en de aard van de zorg bepaalde. Bovendien werd  het proces gecoördineerd en werd er gerapporteerd en beoordeeld of er wijzigingen nodig waren om de kwaliteit te garanderen. Het Hof achtte de dienstverlening dan ook, in tegenstelling tot de rechtbank eerder, vrijgesteld van btw.